
Steentjes
De huidige Donorwet, waardoor iedere volwassene die niet expliciet bezwaar maakt automatisch als orgaandonor wordt ingeschreven, blijkt een groot succes te zijn: het aantal geregistreerden is vanaf ingang van de wet 2020 met bijna 60% toegenomen.
Ten tijde van de wetswijziging was ik vijftien, maar ik had mezelf daarvoor al als orgaandonor geregistreerd. Trouwe lezers die mijn column van afgelopen november gelezen hebben zullen wel begrijpen waarom ik geen bloeddonor ben, maar ik probeer mijn steentje bij te dragen waar mogelijk.
Zo ook heb ik twee jaar geleden mijn haar gedoneerd aan de Nederlandse Haarstichting, en sta ik sinds afgelopen juli bij Matchis ingeschreven als stamdonor. Jazeker, het is maar goed dat ik geen man ben, want anders stond ik binnen de kortste keren net als Jonathan Meijer voor de rechter.
Voor de duidelijkheid: ik probeer niet op te scheppen. Integendeel, het is tijd om met de billen bloot te gaan. Wat gelddonaties betreft bevestig ik namelijk alle stereotypen over gierige Nederlanders.
Ik heb tegenwoordig zelden cash bij, dus aan mij hebben straatcollectanten niks. Digitale gelddonaties zijn ook geen succes. Veel te veel keuzestress. Het is financieel onhaalbaar om élk goed doel te steunen, zeker als je leeft van een studiefinanciering en bijbaantjes. Dan moet ik ineens beslissen welke liefdadigheidsorganisatie ik het belangrijkst vind. Het allerbelangrijkst. Van allemaal. De logica is ver te zoeken, maar toch voelt het alsof ik alle hongerige kindjes in Jemen verraad als ik kies voor verwaarloosde ezeltjes.
Het gevolg? Dan maar niet kiezen. Bij voorbaat “nee” zeggen is een heerlijk egoïstisch besluit dat je van alle keuzestress geneest.
Dit gaat over meer dan gelddonaties. Het is dat hopeloze gevoel van: “Ik kan toch niet alles oplossen, dus waarom zou ik het proberen?”
Maar misschien is het ook gewoon oké - niet fantastisch, maar gewoon oké - als ik braaf die plastic folietjes uit mijn blauwe enveloppen peuter voor recycling, maar de winter alleen doorkom door schandalig heet te douchen, in ruil voor een ander die afvalscheiding helemaal beu is, maar de dag begint met een verfrissende ijsdouche. Als iedereen een beetje goed doet en een beetje slecht, heeft dat wellicht meer zin dan als één iemand zich vastlijmt op de A12 en de ander zijn benzineauto stationair moet laten draaien in de daaropvolgende file.
Ondertussen blijf ik op zoek naar kleine steentjes om bij te dragen. Wie weet? Inmiddels is mijn haar bijna weer lang genoeg voor donatie.
Suzanne